Het bouwkundig rapport beschrijft de conditie van alle bouwkundige onderdelen: metselwerk, kozijnen, dakconstructie en -bedekking, interieurafwerking, badkamer en meer. Bij elk geconstateerd gebrek vind je een foto en een heldere toelichting. Je krijgt een kostenindicatie van het achterstallig onderhoud én van het onderhoud voor de komende één tot vier jaar. Waar nodig bevat het rapport een advies voor specialistisch vervolgonderzoek, bijvoorbeeld naar asbest of ongedierte.
Die kostenindicaties geven je een onderbouwde basis voor de prijsonderhandeling. Heb je een ontbindende voorwaarde in het koopcontract? Dan kun je bij onverwachte gebreken de koop ontbinden.
Krommenie ligt op een veen- en kleibodem, met de oudste bebouwing op licht verhoogde zandruggen die droger lagen na zandafzetting in kreken. Door de slappe ondergrond rusten vrijwel alle woningen op palen. De inspecteur let op scheuren in metselwerk, scheefstand en klemmende deuren als signalen van zettingsverschillen, en op vochtsporen rond de fundering.
In het oude dorpslint langs de Zuiderhoofdstraat staan veel woningen uit de 18e en 19e eeuw, deels nog met houten geveldelen. Houten kapconstructies, gedateerde leidingen en spouwloze of vooroorlogse spouwconstructies komen hier veel voor. Bij panden van vóór 1994 wordt visueel beoordeeld op asbesthoudende materialen.
In de Rosariumbuurt en de overige vooroorlogse en vroeg-naoorlogse straten van Krommenie-Oost (jaren ’20 tot ’60) bereiken daken, cv-installaties en houten kozijnen het einde van hun levensduur. Platte daken bij rij- en portiekwoningen verdienen extra aandacht vanwege lekkagerisico, en isolatie is hier vaak beperkt.
In Willis (1999–2002) en latere inbreilocaties let de inspecteur op kitvoegen, gevelbekleding en de conditie van vloerverwarming, warmtepompen en mechanische ventilatie. Ook hier blijft funderen op palen standaard, dus kleine zettings- en oplevergebreken komen voor.