Het bouwkundig rapport beschrijft de conditie van alle bouwkundige onderdelen: metselwerk, kozijnen, dakconstructie en -bedekking, interieurafwerking, badkamer en meer. Bij elk geconstateerd gebrek vind je een foto en een heldere toelichting. Je krijgt een kostenindicatie van het achterstallig onderhoud én van het onderhoud voor de komende één tot vier jaar. Waar nodig bevat het rapport een advies voor specialistisch vervolgonderzoek, bijvoorbeeld naar asbest of ongedierte.
Die kostenindicaties geven je een onderbouwde basis voor de prijsonderhandeling. Heb je een ontbindende voorwaarde in het koopcontract? Dan kun je bij onverwachte gebreken de koop ontbinden.
Groet ligt op duinzand met zeeklei in de ondergrond. Het zand is goed dragend, maar in de overgang naar klei en bij dichte duingebieden kunnen vochtproblemen optreden door schommelende grondwaterstanden. De inspecteur let op scheuren in gevels, vochtsporen in kruipruimtes en kelders, en op zoutuitslag op metselwerk dicht bij de kust.
In de oude dorpskern staan vooroorlogse woningen, vaak vrijstaand of in korte rijtjes. Hier komen ondiepe funderingen, gedateerde leidingnetwerken en vooroorlogse spouwconstructies veel voor. Door de nabijheid van de kust is corrosie aan metalen onderdelen en houtrot bij kozijnen een aandachtspunt, naast de visuele beoordeling van asbesthoudende materialen bij panden van vóór 1994.
In de naoorlogse uitbreiding (jaren ’50–’80) bereiken daken, cv-installaties en houten kozijnen het einde van hun levensduur. Door de kustligging is houtrot bij kozijnen, deuren en daklijsten een terugkerend punt, en bij platte daken is lekkagerisico door zout en wind extra relevant.
Bij recente nieuwbouw en gemoderniseerde recreatiewoningen aan de duinrand let de inspecteur op kitvoegen, gevelbekleding en de conditie van vloerverwarming en warmtepompen. Omdat de bodem hier afwisselt van zand naar klei, komen aansluitgebreken rond terrassen en bijgebouwen geregeld voor.